U bent hier: Home Technologie Netwerkstructuur
Nederlands

SOWNet Technologies heeft verschillende typen netwerken in huis die geschikt zijn voor verschillende scenario's. Een netwerk topologie bepaalt hoe nodes communiceren met de gateway en met elkaar. Topologiën verschillen onderling in onder andere het maximale netwerkbereik, flexibiliteit en stroomverbruik.

Met batterijgevoede nodes is het stroomverbruik een zeer belangrijke factor. De grootste stroomverbruiker op een node is de radio, dus om stroom te besparen wordt de radio wanneer dat kan in slaapmodus geplaatst. Dit betekent wel dat de nodes op dat moment geen data kunnen ontvangen. Speciale communicatieprotocollen voor sensor nodes kunnen voor stroombesparing zorgen door de hoeveelheid tijd dat de radio aan moet staan te verkorten. Naast deze besparing op radio niveau kan ook de gekozen netwerktopologie veel verschil maken in het uiteindelijke stroomverbruik. Hieronder staan de algemene topologiën die door SOWNet worden toegepast in haar netwerken.

 

Centralized/star network

Gecentraliseerd (ster)

In een gecentraliseerd netwerk communiceren sensornodes (groen) direct met de gateway (rood). Dit is erg energie efficiënt, omdat er weinig overhead is en nodes geen data door hoeven te sturen voor anderen. Op deze manier kunnen nodes jarenlang meegaan op twee AA batterijen. Dit type netwerk is wel beperkt door het radiobereik van de gateway en nodes, waardoor het in de praktijk zelden wordt toegepast voor sensornetwerken.

 
 
Decentralized/clustered network

Gedecentraliseerd (clusters)

Een gedecentraliseerd netwerk gebruikt speciale "router" of "repeater" nodes (blauw) om het netwerkbereik te vergroten ten opzichte van een gecentraliseerd netwerk. Sensornodes kunnen in deze topologie ook jarenlang meegaan op twee AA batterijen. Bij SOWNet vormen de routers een zelf-organiserend netwerk en kunnen ze zowel informatie naar de gateway sturen als van de gateway ontvangen. De routers in een gedecentraliseerd netwerk zijn complexer en verbruiken veel meer stroom dan de sensornodes, omdat ze het netwerk in stand moeten houden en berichten voor sensornodes en andere routers doorsturen. Omdat er ten opzichte van het aantal sensornodes echter maar relatief weinig routers nodig zijn kunnen deze vaak van een lichtnetaansluiting of grotere batterijen worden voorzien. Door de combinatie van flexibiliteit, efficiëntie en het beperkte onderhoud (batterijen vervangen) is dit momenteel onze meest gebruikte topologie.

Distributed/mesh network

Gedistribueerd (mesh)

In een gedistribueerd netwerk functioneren alle nodes ook als routers. Dit is de meest robuuste en flexibele netwerktopologie, maar het stroomverbruik van de sensornodes is veel hoger dan bij een gedecentraliseerd netwerk. De typische batterijlevensduur van twee AA batterijen is in een gedistribueerd netwerk geen jaren, maar slechts maanden of weken. Dit type netwerk wordt vaak gebruikt voor netwerken die kortere tijd in een buitenomgeving moeten functioneren onder sterk wisselende omstandigheden. Als alle sensornodes eenvoudig op het lichtnet aan te sluiten zijn kan een gedistribueerd netwerk ook een uitstekende keus zijn.